Zelf huis bouwen populair
Particulier opdrachtgeverschap geeft een impuls aan de woningmarktHet Homeruskwartier in Almere is een inspirerend voorbeeld.
Met kleinschalige initiatieven, van zowel particulieren als projectontwikkelaars, kun je op dit moment huizen en bedrijven aan de man brengen. In Almere werd dat vlak voor Pasen gedemonstreerd. Er werd, in deze tijden van crisis, voor 22 miljoen aan grond in optie genomen. De Almeerse wethouder Adri Duivesteijn juichte. Een sprankje hoop voor de noodlijdende bouwsector? Enige terughoudendheid is op zijn plaats, zo blijkt uit cijfers.
In totaal werd in Almere in een paar dagen voor 89 kavels serieuze belangstelling getoond. Het gaat hier om particulier opdrachtgeverschap (p.o.), waarbij mensen hun huis volgens eigen inzichten mogen laten neerzetten. Iemand koopt een stuk grond en zoekt daar een architect en bouwbedrijf bij om het huis van zijn dromen te realiseren. „We hebben met de verkoop aangetoond”, aldus Duivesteijn, „dat deze aanpak de toekomst heeft.” Almere heeft, met onder andere de wijken Roombeek (Enschede), IJburg (Amsterdam), Nieuw Leyden (Leiden) en de Amsterdamsebuurt in Haarlem, een voorbeeldfunctie waar het p.o. betreft. Het is allesbehalve een nieuw recept, maar is vanaf 2000 wel gestimuleerd door de overheid. Recentelijk onder meer met het instellen van een expertteam en architectuur lokaal, die geïnteresseerden adviseren en bekijken wat er momenteel goed en niet goed gaat aan p.o. Volgens het kabinet draagt eigenbouw zonder al te strenge eisen van welstand bij aan emancipatie van de burgers en aan een kwaliteitsslag in de woningproductie. „Zelf je woning bouwen, geeft een impuls aan de woningmarkt”, aldus minister Donner van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
VVD--‐Kamerlid De Boer is het daar helemaal mee eens. „Dit zou breed aangepakt moeten worden, over heel Nederland. Zonder de gebruikelijke bouwvoorschriften kun je veel vrijer bouwen. Dit geeft maximale keuzevrijheid waardoor je echt een door mensen gebouwde stad krijgt in plaats van een saaie Vinexwijk.” Ze constateert dat waar de woningbouw stagneert, het zelf bouwen populair is. „Mensen willen keuzevrijheid hebben in wat ze neerzetten en niet de zoveelste cataloguswoning.”
Dr. Peter van Rooy, directeur van adviesbureau Accanto en nauw betrokken bij het gebiedsontwikkelingsprogramma NederLandBovenWater, meent zelfs dat p.o. de maatstaf moet worden bij de bouw van nieuwe woningen. De kosten voor een architect zijn nog wel eens een probleem, zegt hij. „Neem die standaard op in de bouwsom, bijvoorbeeld 5 procent van de bouwkosten. Dan wordt zoiets redelijk te doen.”
Zegen
Nico Rietdijk, directeur van de NVB, waarin projectontwikkelaars en bouwbedrijven zijn verenigd, zegt dat de crisis een zegen is geweest voor de projectontwikkeling. „Alles werd van bovenop, top--‐down, opgelegd. Er werden allerlei lange blokken gerealiseerd en of daar mensen of kantoren in kwamen, werd later wel bekeken. Nu wordt er naar de consument geluisterd. Er worden woonworkshops gehouden, voorafgaande aan een project. Daarbij wordt gekeken wat de toekomstige bewoners willen. Dat is geweldig. Dat had tien jaar geleden al moeten gebeuren, maar onze sector was verwend geraakt. Het ging allemaal te gemakkelijk.”
Jan Fokkema, directeur van de Neprom (Vereniging van Nederlandse Projectontwikkeling Maatschappijen), is niet dolenthousiast over de ontwikkelingen die hij ziet. „Het is niet dé oplossing om de crisis in de bouwsector te lijf te gaan. Het is een klein segment. Het is knap wat Adri Duivesteijn heeft gerealiseerd, daar niet van, ook de lage inkomens krijgen er een kans, en ik denk dat mede daardoor het idee van de Vinex--‐wijken niet zo snel zal terugkeren. Er wordt meer naar de klant geluisterd. Maar bij de aanleg van een appartementencomplex met daaronder een garage, dat kan niet in fases. Dat moet een grote ontwikkelaar blijven doen.”
Volgens Marcel Kastein van De Regie, die p.o.--‐initiatieven ondersteunt, zie je een beweging waarbij steeds meer gemeenten het belang van eigenbouw inzien. „Logisch, ze proberen de schade van grond die niet verkocht wordt te beperken.” Veel gemeenten blijken slecht voorbereid. Watervilla’s op het Steigereiland (IJburg) en de discussie over al dan niet onroerend goed van de boten, de elektriciteitsmasten, de nutsvoorzieningen, daar is veel bij fout gegaan. Daardoor duurde alles veel langer dan gedacht. „Elders hoor ik dat er veel gedoe is met vergunningen, bestemmingsplannen die niet gewijzigd zijn, sanering van grond, noem maar op. Dat moet echt beter, wil p.o. écht een rol gaan spelen.”
Maar er is volgens hem wel een beweging gaande in de totale bouwsector. Een die ook al werd gesignaleerd door Van Poelgeest, Rietdijk en Fokkema. De aanpak bij de bouw, zoals die jaren door grote partijen werd opgepakt, lijkt verleden tijd. De tijd is er, vanwege de crisis, rijp voor. Dat ziet de sector zelf ook. „We moeten naar een nieuwe realiteit toe”, zegt Geurt van Randeraat van ontwikkelaar SITE urban development. „De marktsituatie is drastisch veranderd.” Tijdens een recent congres over dit thema werd gesteld dat de eindgebruiker voorop moet staan, de sector terug moet naar de basis en dat onorthodoxe maatregelen niet geschuwd moet worden om de crisis te boven te komen. De aanwezige minister Schulz van Haegen (Infrastructuur en Milieu) onderstreepte dat.
Vooralsnog is er slechts een sprankje hoop voor de zwaar getroffen sector. De cijfers geven Fokkema gelijk. P .o. gaat landelijk wat beter, volgens het Kadaster gaat het om 2665 afgegeven bouwvergunningen in december 2009, tegenover 3611 in december 2010. Daarbij blijft het percentage zelfbouw rond de 10, 11 procent hangen meldt het ICEB (Informatiecentrum Eigen Bouw), nog ver af van het beoogde één derde deel van de totale bouw. De crisis en de strenge regels bij hypotheken, hebben daar ongetwijfeld mee te maken. „Particulieren bouwen ´door de crisis heen’, maar hun aandeel in het totaal vormt geen wondermiddel”, constateert het ICEB.
door THIJS WARTENBERGH
Bron: De Telegraaf



